Als bron voor alle geschiedenis pagina's is het boek; voor de eeuwigheid, 100 jaar voetbal in Gemeente Zevenaar door schrijver en auteur Robbert Benen gebruikt. Het boek is uitgegeven door de Cultuurhistorische Vereniging Zevenaar (CVZ).

Het ontstaan van het voetbal binnen de Gemeente Zevenaar

Om u een beeld te geven hoe het voetbal in Babberich en omstreken is ontstaan vertellen we eerst wat over de algemene voetbalgeschiedenis uit de regio. Hierbij zal er worden uitgeweken naar het onstaan en vergaan van verenigingen binnen de Gemeente Zevenaar. U zult zo een chronologisch beeld krijgen dat er verschillende pogingen nodig zijn geweest om het voetbal te maken tot wat het huidige Liemerse maar vooral Babberichse voetbal is. 

In 1909 is de bal gaan rollen

Op 15 maart 1909 werd de eerste Zevenaarse voetbalclub opgericht en deze kreeg de naam Achilles mee. De vereniging had haar speelveld nabij de Buitenmolen. Dat is dan ook de plek waar de bakermat van het Zevenaarse clubvoetbal heeft gelegen.

Ruim een jaar later achtte de pionierclub zich in de zomer van 1910 sterk genoeg om binnen de Geldersche Voetbal-Bond in competitie te treden. Vanwege de verplichte naamsregistratie werd onder de naam Z.V.V ingeschreven. Lang heeft het avontuur niet geduurd, want nog voor de jaarwisseling ging de club ten onder.

Het verloren decennium rond de eerste Wereldoorlog

Het voetbalvirus had met Achilles een tweetal jaar Zevenaar aangedaan, maar tot een zware infectie bij de plaatselijke bevolking had het niet geleid. Bijna een decennium verdwijnt het Zevenaarse clubvoetbal namelijk vervolgens nagenoeg van het toneel. Wel is tegen het einde van 1913 sprake van een wederopstanding onder de oude vertouwde naam "Achilles", maar met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog komt rond de zomer van 1914 ook een eind aan dit initiatief. Tijdens en kort na deze wereldbrand meldt zich vervolgens geen nieuwe Zevenaarse club aan het bondsfirmament. Dit terwijl de gemeente met Geldersche Voetbal Bond-bestuurder Jan Uiterwijk wel een prominent voetbalmissionaris binnen de standsmuren woonde.

De georganiseerde chaos van de jaren twintig

In het voorjaar van 1921 begon een clubje genaamd Hercules krachtige tekenen van leven te tonen. In de zomer durfde deze vereniging het zelfs aan om zich bij de Geldersche Voetbal Bond aan te sluiten en dat najaar trad de club in de competitie. Dit gebeurde echter niet binnen de neutrale voetbalbond. Op het laatste moment maakte Hercules namelijk de overstap naar de op dat moment in Oost-Gelderland sterk aan de weg timmerende katholieke voetbalbeweging. In de zomer van 1923 transformeerde Hercules zich tot Sevenaer. Enkele maanden later leidde een crisis binnen de regionale katholieke voetbalbeweging er toe, dat de Zevenaarders alsnog in G.V.B.-verband de strijd gingen aanbinden. Maar na één seizoen keerde de club van het overwegend katholieke Zevenaar weer terug in katholiek verband. Overeenkomstig haar naam leek Sevenaer zich vervolgens tot een voetbalbolwerk te ontwikkelen. Maar het fundament bleek niet goed gelegd, want in de zomer van 1926 stortte het bouwwerk ineen.

Een zelfde lot was kort daarvoor het Blauw Wit uit Ooy beschoren. Deze voetbalclub van het buurtschap trad in 1922 binnen de katholieke beweging in competitie. Sportief wist de club zich goed te weren, maar organisatorisch kon men zich niet staande houden. In 1925 ging daarom een streep door de naam van het Ooyse Blauw Wit.


In het najaar van 1925 verenigden de voetballers van de plaatselijke sigarettenfabriek zich onder de noemer Turmac. Tegen het eind van een moeizaam eerste jaar transformeerde de fabrieksclub zich tot het door de sigarettenfabriek gesteunde T.V.V. De goed bemiddelde neutrale voetbalvereniging nam de katholieke concurrentie veel wind uit de zeilen. Als eerste slachtoffer van deze ontwikkeling moet Hercules-Sevenaer worden beschouwd. De aantrekkingskracht van de nieuwe club was dusdanig, dat veel Herculanen zich onder Turmac-vlag schaarden. Daardoor beschikte de Turmac-ploeg bij haar competitiedebuut in het najaar van 1926 over een zeer representatief team en konden de eerste seizoenen de kampioenschappen aaneengeregen worden. De aantrekkingskracht werd er alleen maar door vergroot en een voetbalbolwerk met regionale uitstraling was verrezen.

Nadat de Zeveaarse gemeenschap in de zomer van 1926 haar vertegenwoordiger in katholiek voetbalverband verloor, leek de onstane leemte door E.M.M. Babberich te worden opgevuld. Als Eendracht uit Babberich werd de club door de bond van het aartsbisdom geregistreerd en ingedeeld. De basis van de voetbalclub was echter te wankel. Na slechts enkele competitiewedstrijden te hebben gespeeld werd de voetbalclub enkele maanden later door de bond al weer geroyeerd. Het Babberichse initiatief stierf daardoor een vroege dood.

De ondergang van Eendracht Babberich zal zijn bespoedigd, doordat in het Zevenaarse de katholieke krachten werden gehergroepeerd. Dit leidde rond december 1926 tot de oprichting van V.B.O. Maar ook het op de katholieke restanten van Hercules en Blauw Wit gebouwde V.B.O. was geen lang leven beschoren. Door een samenloop van omstandigheden mislukten pogingen om de katholieke club regionaal aanzien te geven. Medio 1928 raakte de vereniging in comateuze toestand. Pogingen tot het doen opbloeien van het kasplantje haalden vervolgens niets uit.

Ondertussen had rond 1920 het clubvoetbal in Angerlo en Giesbeek ook tekenen van leven gegeven, maar deze initiatieven bleken niet levensvatbaar. Het waren Doesburgse club die op Angerlo's grondgebied in de jaren twintig voor leven in de brouwerij zorgden.

Wederopstanding van de katholieke voetbalbeweging in de jaren dertig

Bij het aanbreken van de jaren dertig telde de gemeente Zevenaar met T.V.V. welgeteld één in competitieverband uitkomende voetbalclub. De wederopstanding van de katholieke voetbalbeweging begin jaren dertig zorgde voor nieuw bloed. Maar de moeilijke crisisjaren maakte het de nieuwkomers niet makkelijk. Uiteindelijk wisten alleen de nieuwkomers in Babberich zich staande te houden.

In Zevenaar werd de wedergeboorte belichaamd door Eendracht Zevenaar. De eerste steen voor deze voetbalclub werd in het voorjaar van 1930 gelegd en enkele maanden later werd aansluiting gezocht en verkregen bij de katholieke voetbalbond. Doordat bij deze bond reeds een gelijknamige club actief was, werd de club onder de naam "Zevenaar" geregistreerd. Daar waar haar voorgangers hadden gefaald, leek Eendracht zich aanvankelijk tot een volwaardige tegenpool van het neutrale T.V.V. te ontwikkelen. Na enkele jaren begon de motor echter te haperen. Bestuurlijke en financiële problemen maakten dat het schip water kon maken. Ook nadat in 1935 een naamswijziging tot Sevenaer werd doorgevoerd kwam het lek niet boven. Ondertussen bleef een sportieve doorbraak maar uit. Met een talentvol eerste elftal werd weliswaar diverse malen een gooi naar het kampioenschap gedaan, maar telkens strandde het schip in zicht van de haven. Hierdoor bleven de Zevenaarders in de onderbond steken. Dit tesamen met de penibele financiële situatie maakte dat uiteindelijk in 1938 besloten werd de stekker er uit te trekken.

Ondertussen was ook in het buurtschap Ooy het georganiseerde clubvoetbal kortstondig opgeleefd. Wederom werd aansluiting bij de katholieke bond gezocht. Aangezien het recht op de naam Blauw Wit inmiddels bij een club elders binnen het bisdom was komen te liggen, werd de buurtclub onder de naam B.W.O. geregistreerd. Net als een decennium eerder wisten de Blauw-Witten zich sportief goed te weren, maar haperde  het op organisatorisch gebied. Uiteindelijk viel in het voorjaar van 1936 het doek. Pogingen tot een doorstart - bijvoorbeeld in februari 1937 onder de naam O.V.C. - hadden vervolgens niet het gehoopte resultaat.

In Babberich wist de katholieke voetbalbeweging in de jaren dertig wel wortel te schieten. In het kielzog van het Zevenaarse Eendracht was in 1930 Victoria opgericht. Dankzij de nauwe banden met de lokale jongensschool kreeg de club al snel de beschikking over een stevige onderbouw en dit gaf de club de nodige levenslucht. De door Victoria gevaren koers kon in het kloosterdorp niet ieders goedkeuring wegdragen. Het gevolg was dat door een aantal ouderen voor de nog onbedorven Babberichse voetbaljeugd in 1931 het buurtclubje Excelsior in het leven werd geroepen. Diverse pogingen om de scheuring binnen de plaatselijke voetbalwereld te lijmen hadden aanvankelijk niet het gewenste effect. Zodoende ontwikkelde Excelsior met het verstrijken der tijd zich van jongensclubje tot de tweede voetbalvereniging van het grensplaatsje.

De jaren dertig deden ook het Giesbeekse clubvoetbal herleven. Het was wel een proces van vallen en opstaan. Begin jaren dertig timmerde G.V.V. enkele jaren aan de weg. Dit initiatief strandde in 1934. Vervolgens werd in 1938 met de oprichting vanR.K.G.V.V. een nieuwe poging gewaagd endit keer bleef de motor draaien. Elders in de gemeente Angerlo heerste in die jaren rust aan het voetbalfront.

Na zware offers brengen de jaren veertig nieuw leven

Begin jaren veertig was voor T.V.V. binnen Zevenaar weer de alleenheerschappij weggelegd en vochten in Babberich de twee Excelsior en Victoria hun strijd uit. Op en rond waren vooral donkere dagen, want door de Tweede Wereldoorlog kreeg ook de plaatselijke voetbalgemeenschap de nodige klappen te verwerken.

Toen Nederlan na de bevrijding in 1945 de draad weer oppakte, ging dit gepaard met nieuw elan. Zo werden in Babberich alle emoties aan de kant geschoven en onstand de Rooms-Katholieke Sport Centrale 'Babberich'. Daarnaast werd in het buurtschap Ooy Blauw Wit ("O.B.W.") (her) opgericht en ontstond op 't Grieth "Sevenaer". Samen met T.V.V. telde de overwegend katholieke gemeenschap in en rond Zevenaar kort na de oorlog zodoende vier voetbalverenigingen.

In 1948 leek een beschoppelijk schrijven de Zevenaarse voetbalwereld op zijn kop te zetten. Voortaan moesten katholieken zich zoveel mogelijk organiseren in katholieke verenigingen. In verband hiermee werd het plan gesmeed om de vier voetbalclubs te fuseren en als één voetbalafdeling onder te brengen bij een katholieke omnisportvereniging. Maar de plannen om te komen tot een grote katholieke sportcentrale liepen uit op een fiasco. Uiteindelijk hapte alleen T.V.V. toe. Deze club ging met enkele kleinere sportverenigingen onder de naam 'Door Combinatie Sterk' (D.C.S.) verder. Al snel bleek alleen de sterke voetbalafdeling levensvatbaar.

De turbulente jaren vijftig


In de loop van de jaren vijftig kregen de pogingen tot krachtenbundeling een vervolg. Toen in het seizoen 1954/55 het profvoetbal in Nederland zijn intrede deed, kwam het in Zevenaar onder leiding van Job Groenen tot fusiebesprekingen. Zonder resultaat. Enkele jaren later maakte Job Groenen nogmaals het nodige los, toen hij plannen om te komen tot de oprichting van een profclub 'De Liemers' ontvouwde. Ook dit initiatief stierf een snelle dood.

De keuze voor zelfstandigheid pakte voor Sevenaer niet geod uit. In de zomer van 1955 besloten de leden hun club te ontbinden. Maar de behoefte aan een eigen voetbalclub bleef op en rond 't Grieth bestaan en zo werd twee jaar later met S.D.Z. - korte tijd later S.D.Z.Z. (Samenspel Doet Zegevieren Zevenaar) gedoopt - een nieuwe vereniging opgericht.

Ook in Angerlo kwam het clubvoetbal weer tot leven. Begonnen als A.V.V. in 1952 werd vanaf 1953 onder de naam Angerlo Vooruit aan de weg getimmerd.

De groei van het plaatselijke voetbal in de jaren zestig en zeventig

In de loop van de jaren zestig begon de Nederlandse maatschappij drastisch te veranderen. In Zevenaar kwam daar nog eens een bevolkingsexplosie over heen. Dit alles had zijn weerslag op het plaatselijke voetbal: de grenzen tussen stad en platteland vervaagden snel, katholiek werd neutraal, het ledental nam (explosief) toe en de grootste plaatselijke talenten schopten het tot profvoetballer. Kortom, binnen twee decennia veranderde het voetballandschap aanzienlijk. Maar één ding veranderde niet: het Zevenaarse voetbalhuis bleef steunen op de vier bestaande voetbalpilaren. In de gemeente Angerlo waren en bleven het de voetbalclubs uit Angerlo en Giesbeek die de plaatselijke behoefte konden bevredigen. Om de breedheid van haar achterban te onderstrepen veranderde R.K.G.V.V. in 1971 haar naam in G.S.V. '38.

Een andere ontwikkeling in die jaren was dat de flink gedateerde 'voetbalakkers' werden vervangen door moderne sportparken. In Zevenaar verrezen Sportpark Hengelder (1967) en De Griethse Poort (1972). In Babberich werd de Buitenboom (1973) aangelegd. De gemeente Angerlo bleef niet achter bij deze ontwikkeling. Zo kreeg Giesbeek sportpark De Does (1970) en Angerlo sportpark Mariëndaal (1974).

De bloei van het plaatselijke voetbal vanaf de jaren tachtig

Vanaf 1980 begonnen de voetbalclubs uit de Gemeente Zevenaar flink aan de weg te timmeren. S.V. Babberich wist in de jaren tachtig op te stomen tot de hoofdklasse en bleek op dit niveau een blijvertje. In haar kielzog begonnen kielzog begonnen ook O.B.W. en later S.D.Z.Z. aan een opmars vanuit de onderafdeling. Voor de blauw-witten stokte de opmars rond de milleniumwisseling in de eerste klas en de groen-witten schopten het tot derdeklasser. In 2001 deed ook D.C.S. eindelijk weer van zich spreken door voor het eerst in haar bestaan de eerste klas te bereiken. Op dat moment had het Zevenaarse voetbal zich dus een stevige positie in voetballand weten te verwerven. Lang heeft deze situatie echter niet stand gehouden en de 'de clubs uit de stad' moesten stuk voor stuk veren laten. Alleen Babberich wist zich te handhaven.

Op bescheidener schaal werd ook in de gemeente Angerlo de weg omhoog gevonden. Angerlo Vooruit ontsteeg in 1991 de afdeling. Dat najaar kwam het daardoor voor het eerst in competitieverband tot een treffen tussen Angerlo 1 en Giesbeek 1. Beide clubs maakten vervolgens uitstapjes naar de derde klas en bereikten daar hun plafond.

Dankzij de bloeiperiode kon het Zevenaarse voetbal ook enkele indrukwekkende prestaties op haar palmares bijschrijven. In 1997 veroverde SV Babberich bij de amateurs namelijk de nationale beker. Daarnaast ontwikkelde de in Zevenaarse klei begonnen Phillip Cocu zich in de periode 1996-2006 tot een vaste waarde in het Nederlands elftal.

Tot op de dag van vandaag is de dorpsclub uit Babberich de onbetwiste vaandeldrager uit het plaatselijke voetbal.

Sportvereniging Babberich/Liemers
Sportpark de Buitenboom
Beekseweg 5
6909 DL  BABBERICH
Tel: 0316-247675
info@svbabberich.nl
SV Babberich
Hoofdsponsor:Uw naam kan hier staan
Kledingsponsor:
Heeren van den Buitenboom:
Overige sponsors:Fixet Cremers Klusmarkt
 Vriendenloterij
 Rozeboom Automaterialen
 W.A. Witjes Beheer BV